
Jurgen van den Berg
Jurgen van den Berg presenteert sinds 1 november 2009 iedere werkdag op Radio 1 de programma’s Lunch! en Stand.nl. Ook maakt hij deel uit van het presentatorenteam van Casa Luna.
...
Maandag 17 mei 2010
Vandaag begint de media vrije week. Begint al fout, want het nieuws staat op. Ontbijtnieuws met de altijd pertinente Sven Kokkelman in de hoofdrol staat al aan. Het is geen nieuw nieuws dat langs komt.
Vuilnismannen gaan aan de slag. De campagne worden weer opgestart. Daar hoort een beschouwing over de zin en betekenis van een campagnestop bij. Vorige week nog wel een nieuwe ervaring opgedaan. Met een Twitter-bericht bekend gemaakt dat er een akkoord is over het College van Almere. Het is kwalitatief goed, dat wil zeggen een ‘goed program en een sterk College’. Direct Omroep Flevoland aan de lijn. Verschijnt er een bericht op de website van de Telegraaf. Niet veel later volgen Metro, Spits, ja, zelfs Tiscali maakt er nieuws van op de site, en een ANP bericht. Dat is pas nieuws maken. Een nieuwe les geleerd. Of ik er blij mee moet zijn is nog maar de vraag. De jacht naar nieuws is nog jachtiger geworden.
Vertel collega wethouder Arno Visser van mijn mediavrije week. "Kan je mooi een boek lezen". Goede gedachte, maar gaat het ook lukken? Film kijken lukt mij goed. Maar lezen komt nogal eens in de knel.
Hoe moet ik media mijden? Ik zou het niet weten. Het is zo verweven met mijn vak, nieuws is zo’n indringend onderdeel van ons dagelijks leven.
In de politiek is medialand een dagelijks onderwerp. Juist ook instrumenteel. De kunst is de media naar je hand te zetten. Het gaat nu vaak meer om de perceptie dan om de werkelijkheid. Vaak kun je volstaan met het neerzetten van een beeld. Andere media nemen dat over. Zie mijn Twitter-bericht. Nu ik daar de kracht van heb ondervonden, ga ik het vaker inzetten. Ik vraag mij af wat het verschil is tussen een burger die Twittert en een politicus die Twittert? Een burger wil laten weten wat hij denkt en doet, terwijl een politicus jouw wil laten denken dat hij iets denkt en doet. In het laatste geval is de boodschap ontdaan van zijn onbevangenheid. Onschuldig ogenschijnlijk, maar verradelijk in opzet.
Goed, ik heb dus besloten een dagboekje bij te houden over mijn gedachten over communicatie. Mooie paradigmashift.
10 uur
Uit mijn mail gehaald: update van Youtube en van Nieuws.nu. De digitale krant waar alle belangrijke koppen samenkomen. Het is mogelijk om het belangrijkste nieuws in een minuut tot je te laten komen.
Hoe kan ik een mediavrije week doormaken, wanneer ik zelf onderwerp van berichtgeving zal zijn? Woensdag wordt het nieuwe College van Burgemeester en Wethouders gepresenteerd. En let maar op: de oppositie in Almere zal mij zeker als (mede)aanstichter zien van de totstandkoming van dit College. Gemakshalve zullen zij daarbij vergeten dat zij het zijn die de PvdA en de VVD wilden dwingen tot een samenwerking met een plotsklaps, om machtspolitieke redenen, gevormde combinatie. Eén ding heb ik in de politiek geleerd: samenwerking dwing je niet af met aantallen zetels. Dat is nooit een basis voor een werkelijke inhoudelijke samenwerking, zelfs niet wanneer je het eens bent over inhoud.
11.30 uur
Interviewverzoek van het VNG magazine Tja, hoe ga je daar mee om in een communicatieloze week? Besluit het antwoord uit te stellen.
12 uur
Eerste reflex bij binnenkomst van het Stadhuis is De Pers meenemen. In de lift realiseer ik mij dat ik mij deze week zou afsluiten voor media-uitingen. Dus loop ik stoïcijns langs het rek met zeven dagbladen, en doe maar net of er geen nieuws is.
13 uur
De hele dag door zijn er vragen over het op handen zijnde collegeprogram, en vooral de collegeleden van de nieuwe coalitie. Frits Huis, fractievoorzitter van Leefbaar Almere, heeft op zijn weblog een column geschreven over het nieuwe college. Natuurlijk weer sterk denigrerend, tenniste dat moet ik aannemen. Ik besluit de tekst niet te lezen, maar via de wandelgangen kom ik erachter dat het gaat over de Haagse invloed in Almere. Hij doelt op de VVD wethouder Arno Visser (Haags Denken) en ondergetekende (ingeschreven in Den Haag). De nieuwe allochtonen van Almere, zou ik zeggen.
Spits. Staat mijn Twitter-bericht erin? Laten liggen, geen nieuws deze week! Van Marloes, mijn communicatieadviseur, krijg ik een voorstel voor de persconferentie van het nieuwe college in Almere. Hoe ga ik daar nu mee om? Je een week lang onttrekken aan het nieuws van de dag. Hoe is dat mogelijk, wanneer je zelf één van de nieuwsmakers bent?
Ik wil mijn post doornemen, maar daarin zit ook de Cobouw, het dagblad voor de bouw. Dat kan natuurlijk heel goed, maar toch is het een constante informatie bron voor een vakwethouder op het terrein van de ruimtelijke ordening.
Eén verademing heb ik alvast. Dat gehijg met Twitter kan ik nu moeiteloos, nou ja moeiteloos, loslaten. Onvoorstelbaar hoe alles tot onderwerp wordt gemaakt. Liesbeth, mijn partner, had wel een mooie verklaring voor dat gedrag. Het is de behoefte om overal je geur achter te laten. De ander laten weten dat je bestaat, dat je aanwezig bent of bent geweest. Het is misschien iets te negatief, maar ik herken het gedrag. Zelf heb ik moeite met Twitter, omdat ik teveel gewicht wil toekennen aan mijn getwitter. Het moet ergens over gaan maar, misschien is dat wel de kern: het behoeft nergens anders over te gaan dan laten te laten zien waar je bent, wat je denkt, wat je doet of van plan bent te gaan doen. Gelukkig ben ik, als net begonnen Twitteraar, weer even vrij van deze nieuwe communicatie mogelijkheid.
Dinsdag 18 mei 2010
Wat een spectaculaire start van de dag! Wat een sereniteit, wat een rust! Ik ben verslaafd aan nieuws. Min ochtend begint altijd met het aanzetten van de televisie, het ontbijtnieuws, en dan tegelijkertijd naar teletekst kijken. Soms schakel ik door naar CNN. Het bekijken van het mijn Iphone behoort inmiddels ook tot mijn ochtendritueel. Dat laatste kan van alles betekenen: e-mail, internet, Twitterberichten en wat al niet meer. Onder de douche, en natuurlijk gaat dan het radio 1 journaal aan. Het vervelende is dat het nieuws zich blijft herhalen. Eigenlijk zit mijn ochtend vol met het opzuigen van nieuws. Het maakt niet uit wat. Ik wil weten wat er in de wereld gebeurt, maar ook het kleine nieuws heeft mijn belangstelling.
15 uur
Het gesprek gaat over communicatie. In Almere hebben wij een inhoudelijk akkoord bereikt over het coalitieprogramma. Ook de kandidaat wethouders zijn bekend. De grote vraag is: hoe dit dit communiceren? Wij nemen de presentatie door. Voor mij is het niet de eerste keer. Op het moment dat onze communicatiemedewerkers aangaven dat zij, ter voorbereiding van de presentatie, ‘een fles azijn hadden leeggedronken en wat lastige vragen hadden bedacht’, bedacht ik me hoe typerend dat is voor hoe je als politicus met de media om moet gaan. Bijna altijd is de pers geïnteresseerd in waar de fout zit, in de rel. Het kost heel wat moeite om de eigen inhoud centraal te stellen. Jammer, omdat de boodschap daarmee direct in de schaduw komt te staan van de criticaster. Hier wreekt zich de snelheid. Alles moet direct, alles is verouderd voor het bestaat. Als je een communicatiestrategie opstelt, betekent dit dat je verschillende boodschappen moet doseren, omdat het ene nieuws het andere in weg kan zitten. Het blijft spijtig dat het zo werkt in medialand, maar het is niet anders: je gaat er in mee, omdat het veroveren van de lezersmarkt voor de media nu eenmaal belangrijker is.
Woensdag 19 mei
Vandaag een bijzondere ervaring opgedaan. In Almere is om 13.00 uur de presentatie van het ‘Oostvaardersakkoord 2010 – 2014’. Met dit coalitieakkoord is de basis gelegd voor een nieuw college. Een college dat bestaat uit zes wethouders; twee van de PvdA, twee van de VVD, één van D66 en één van CDA/ChristenUnie. Een college dat feitelijk een voortzetting is van het oude college, aangevuld met D66. Maar dat is een partij die het beleid in de vorige periode al sterk steunde. Daarmee is de basis voor het te voeren beleid verbreed. Dat is belangrijk, want wij gaan moeilijke tijden tegemoet. Kortom, om 13.00 uur de presentatie van het akkoord en de nieuwe wethouders. Ook over het team ben ik zeer positief. Een mooie groep mensen, met een paar sterke persoonlijkheden. Ik kan niet bij de presentatie aanwezig zijn, want ik wordt verwacht bij een breed overleg met de minister van Verkeer en Waterstaat en VROM. Natuurlijk gaat dat over Almere 2.0. de groei van de stad. Wij gaan afspraken maken over de aanpak voor de komende twee jaar. Belangrijk, want ook nu gaat het om het leggen van een basis voor plannen die uiteindelijk moeten leiden tot definitieve besluiten over de toekomst van Almere. Ook de bereikbaarheid staat weer op de agenda; de verbreding van de A6 en de verdubbeling van de Flevolijn. De uitbreiding van de A6 gaat voortvarend vooruit, maar de voortgang van het spoor zit in het slop. Gelukkig onderschrijft minister Eurlings dit. Het is een man waar ik mee kan werken. Wat jammer dat hij weg gaat. Ik weet dat het tijdelijk is dat hij uit de politiek stapt, maar het is toch in ‘mijn tijd’ en dat is voor mij een verlies.
Dan ben ik eindelijk bij mijn onderwerp; communicatie en media! Ik kijk om me heen en zie een fors aantal medebestuurders rond de tafel. Allemaal hebben ze wel een Blackberry of Iphone voor zich liggen. Sommigen hebben beide! De topambtenaren doen er niet voor onder; een vergadering zonder een directe verbinding naar buiten bestaat eigenlijk niet meer. Terwijl het overleg doorgaat, zie ik vrijwel iedereen meerdere malen naar de Blackberry grijpen en zich in verbinding stellen met de buitenwereld. Sommigen bekijken hun mail, anderen gaan het internet op, ook Twitter wordt veel gevolgd.
Hoe is het mogelijk dat je niet meer gewoon kunt vergaderen? Ik heb in mijn tijd de wereld zien veranderen. Dertig jaar terug zat ik in het College van Den Haag, en wanneer ik dan ruggespraak wilde houden moest ik naar de speciale telefoon voor collegeleden. De mobiele telefoon heeft dat veranderd. De komst van de computer en nu de Iphone maakt dat er geen onderscheid meer bestaat tussen binnen en buiten. Eigenlijk is het schaamteloos hoe bestuurders op topniveau met elkaar menen te vergaderen. Waar ligt de grens? Is er nog wel een grens? Feit is dat een echt rustig gesprek niet meer mogelijk is. Moeten wij nu trots zijn op deze vooruitgang? Ja, technisch is het fenomenaal, daar schort het niet aan. Wel aan het totale gebrek aan discipline naar elkaar toe. Of gaat het hier ook een beetje over fatsoen?
Het allerergste is wel dat ik het weliswaar zie, maar dat ook ik mij volkomen ‘modern’ gedraag. Ook ik denk dat alle buiten nog belangrijker is. Ook ik kan de aantrekkingskracht niet weerstaan. Van de Blackberry, van de Iphone. Tja, het heeft iets zieligs en ik moet het mij aantrekken. Stiekem ben ik bang dat ook ik niet op het rechte spoor kan komen; onvoorstelbaar verslaafd aan actualiteit en aan de gedachte dat ik iets zou missen. Armoe! Maar terug naar waar ik mee startte: ik mag vier jaar verder in Almere. Mooie klus!
Vrijdag 21 mei
Een medialoze week, hoe geef je dat vorm? Iedere dag weer opnieuw die vraag. Vandaag hoef ik pas om tien uur beginnen. Ik besluit een deel van de ochtend met ontbijt in bad door te brengen. En ik neem, op aanbeveling van mijn collega Arno Visser eerder deze week, een boek mee. Dit is het moment om even rustig te lezen. Zonder dat ik er erg in heb, heb ik natuurlijk een verkeerd boek meegenomen: ‘Waarom is de burger boos?’ van Maarten van Rossum. Een boek over hedendaags populisme, en over de rol van de media. Enkele citaten: ‘De charismatische leiders van de populisten zijn hier precies op hun plaats, ze weten hoe je de media moeten bespelen. Hun kenmerkende stijl levert precies waar de media om vragen. Zij zijn de meesters van de verbale provocatie, van de schaamteloze overdrijving, de goed georganiseerde pseudogebeurtenis, die veel belooft maar weinig geeft, en van het politieke theater. Omdat de televisie zich slecht of helemaal niet leent voor de doorgifte van abstracte informatie, personaliseert hij de politiek. De politieke leiders vallen samen met hun partijen en programma’s, en de essentie van de politiek op de televisie is het conflict tussen de verschillende politici: ‘horse race journalisme’. Voor de populistische bewegingen, die inderdaad vrijwel volledig samenvallen met hun charismatische leiders, is dit een ideaal raamwerk.’ Een mooie verklaring Van Rossum. Die samenkomst van belangen van de media om kijkers en lezers te trekken, en de gave van het populisme om in heldere woorden klare wijn te schenken. Wat zou Henk Westbroek vinden van de analyse van Van Rossum? Mooi onderwerp om maandag aanstaande te bespreken: de rol van de media, maar vooral hoe je je als populist de media aan je weet te binden.
Mijn werkdag begint vervolgens verkeerd. Ik heb een interview met een Duitse journalist van Frankfurter Rundschau. Hij is bezig met een achtergrond verhaal over de PVV in Almere, en probeert het fenomeen Geert Wilders te verklaren. Het is niet aardig om dit interview, vooral niet omdat de journalist helemaal uit Duitsland komt, alleen maar vanwege mijn medialoze week uit te stellen. Ik probeer in anderhalf uur tijd een beeld te schetsen. Voor mij staat vast dat Almere geen uitzonderingspositie inneemt. Als de PVV zich kandidaat had gesteld in andere steden, ja, zelfs in Amsterdam, hadden ze daar ook succes gehad. Juist omdat de PVV niet houdt van nuanceren, maar communiceert in oneliners. Het is een digitale werkelijkheid: het is een één of een nul, het is wit of zwart, goed of fout, voor of tegen. De PVV heeft het populisme tot strategie verheven, en hoe schrijnend het ook is: het werkt. We hebben dat in Almere zien gebeuren, vanaf het moment dat de PVV aankondigde deel te nemen aan de verkiezingen. Almere, één van de veiligste steden van Nederland, werd neergezet als onveilige stad. Almere, waar geen sprake is van problemen met moslims, zou grote problemen op dat gebied kennen. Zoals Van Rossum zegt: de PVV levert precies waar de media om vragen. Een werkelijkheid die helemaal niet overeen behoeft te komen met de werkelijkheid zoals deze bestaat in De Stad. Dat feit op zich wil uiteraard niet zeggen dat er niet een gevoel van onveiligheid kan bestaan bij mensen in de stad of op het werk of naar het welbevinden in zijn algemeenheid. Populisten, ik zeg het Maarten van Rossum na, weten zo'n situatie perfect uit te buiten. De gevestigde politiek heeft daar niet of nauwelijks een goed antwoord op. Naar mijn idee omdat het echte leiderschap daar onvoldoende aanwezig is maar zeker ook om dat de gevestigde partijen die deelnemen aan de macht te maken krijgen met de complexiteit van de vraagstukken die zij moeten oplossen. Met die complexiteit kreeg ook de PVV te maken toen zij in Den Haag en Almere moesten gaan formeren. Het duurde niet lang of in Almere legde zij al het hoofd in de schoot. Ik geloof al drie weken na de verkiezingen. Dag stem, je zal toch op de PVV gestemd hebben. Aan de zijlijn roepen is toch wat anders dan midden in het veld het spel goed kunnen spelen. De beste stuurlui staan aan wal. Ook in Almere bleek dat het geval te zijn. Gelukkig is er deze week een goed programakkoord gesloten met vijf sterke partijen en met zes persoonlijkheden in het college. Ik ben tevreden.
Nu heb ik, tussen twee afspraken in, een moment van rust en werk mijn dagboek bij. Normaal gesproken zou ik de kranten halen, en die één voor één - van voor tot eind, ik kan niet halverwege stoppen - rustig doorbladeren. Vreemd dat woensdag het nieuwe coalitieakkoord is gepresenteerd, maar dat ik er nog niets over heb gelezen. Hoe is het ontvangen? Lag de nadruk op de bezuinigingen, of werd juist melding gemaakt van de forse investeringen die in de komende jaren ook plaats zullen vinden? En hoe hebben de partijen gereageerd die niet in het college komen? Hoe verlopen de nationale verkiezingscampagnes? Het geeft een vreemd gevoel, niet op de hoogte te zijn terwijl je dat normaal gesproken wél bent, en dat ook van je wordt verwacht. Een uitspraak van de oud-minister Jan Pronk komt meer en meer boven drijven en dat is dat hij ooit tegen mij zei: 'je moet de ochtendkranten 's avonds lezen, dan is heel veel nieuws achterhaald. Hoe zou dat zijn met nieuws dat al een week oud is?
Zondag 23 mei
De laatste dag van mijn medialoze week, en dan houd ik het voor gezien. Ik heb mij de laatste twee dagen goed kunnen onttrekken aan het gehele mediagebeuren. Ik zou niet weten wat er op dit moment in de wereld speelt. Vanaf vorige week heb ik de wereld van de politiek achter mij gelaten. Voor een onderzoek moest ik op zaterdag - vroeg in de ochtend - in het CWZ-ziekenhuis in Nijmegen zijn. Nu doet zich het toeval voor dat direct naast het ziekenhuis het Sanidome gevestigd is. Volgens eigen zeggen is het de derde attractie van Nijmegen. Een voor Nederland ongekend omvangrijk welness center. Voor kinderen is dat altijd een uitje. Zoveel verschillende zwembaden, dat moet op hen wel een heel grote indruk achter laten. Wij hebben dan ook besloten het nuttige met het aangename te combineren. Op het moment dat je letterlijk en figuurlijk onderdompelt in de welness, kun je je heel wat voorstellen bij de vroegere Romeinse badcultuur, bij de Turkse baden. Wij in Nederland zijn zo calvinistisch dat wij ons deze vorm van lichamelijk onderhoud of ontspanning niet of nauwelijks hebben gegund. Stom! Want het is een werkelijk genoegen.
Hoe het ook zij; het biedt mij nu de gelegenheid om werkelijk in de bubble onder te duiken. Ik kan mij echt afsluiten. Geen televisie, geen krant, geen internet, eigenlijk ook geen telefoon. Ik heb dan ook geen idee meer wat er op dit moment in de wereld gebeurt. Dat roept weer allerlei beelden op. Want het is nog niet zo heel lang geleden dat het nieuws van ver ook daadwerkelijk van ver moest komen. Want hoewel het gezegde is dat nieuws snel reist, is het nog niet zo ver terug dat als er een ramp gebeurde het echte nieuws pas veel en veel later doorkwam. De foto's en de filmbeelden kwamen letterlijk en figuurlijk pas na verloop van tijd. Was het niet 'Kniertje' die op de uitkijk stond om te kijken of de vissers heelhuids van zee terugkeerden? Het was nog in de Tweede Wereldoorlog dat direct nieuws niet of nauwelijks doorkwam. Toen ik in 1981 voor het eerst naar China ging was veel ervan letterlijk onbekend; bewust onbekend gehouden. China was tot dan toe een vrijwel afgesloten land. Ik kan mij nog het fotoboek van de fotgraaf Raviez herinneren, die je met zijn foto's een indruk gaf hoe je het land wellicht zou gaan aantreffen. Een land van toen nog 1 miljard mensen en het was volkomen onbekend. Onbekend omdat de techniek dat nog niet toestond, maar vooral ook omdat de techniek nog zo onderontwikkeld was dat een totalitair regime het land vanaf 1949 op slot kon zetten. Hoe anders is dat nu. Recent was ik nog in China en hoewel er nog barrières zijn is het ook duidelijk dat de anonimiteit van voorheen niet vol te houden is. Iedere dictatuur zal haar gedragingen niet langer voor de wereld kunnen verbergen. Hoe duidelijk werd het niet tijdens de kortstondige demonstraties na de Iraanse verkiezingen. Niets blijf geheim, alles was direct onderdeel van de media in de hele wereld. Als er een verdienste is van onze informatiesamenleving in combinatie met de technologische ontwikkelingen, dan is het wel de snelheid en de directheid waarmee wij tegenwoordig kunnen communiceren. En het is nog steeds in ontwikkeling. Vrijwel alle traditionele media staan op zijn kop. De verkiezingen lijken niet meer gewonnen te kunnen worden zonder Twitter, Hyves en Facebook, en wat gaat er nog komen?
Nu zit ik in Nederland in mijn zelf gekozen isolement: 'De Bubble'. Ik weet dat er nieuws is. Zo zijn er campagnes voor de komende verkiezingen, zijn er debatten van lijsttrekkers. Met een zekere regelmaat wordt ik ook aangesproken op de resultaten van opiniepeilingen die net zijn gepresenteerd. Ik word gevraagd om mijn mening over het onaangename en weinig sportieve optreden van Rutte in de richting van de vroegere burgemeester van Amsterdam. Ik moet het antwoord schuldig blijven. Het is op zich wel weer illustratief hoe conjunctureel alles is geworden. De opiniepeilingen gaan op en neer. Het zijn vooral de rechtse kiezers die in beweging zijn. Van het CDA en de PVV naar de VVD lijkt het. Het is in ieder geval in de goede richting, ben ik geneigd te zeggen. Maar veel heeft het niet met Marc Rutten te maken. Het is vooral de negatieve keuze die het stemgedrag bepaalt. Een beweging a la Obama hebben wij hier in Nederland de laatste vijftien jaar niet gehad. Het is vooral negativisme dat onze kiezer lijkt te beheersen. Ik ben het met Maarten van Rossem eens dat ook de media hier een slechte rol in spelen. Die focus op het kritische nieuws, op de rel, op het negatieve is heel, heel slecht voor ons welbevinden. Het is telkens net een beker vergif die over ons heen wordt gegooid. Positief nieuws betaalt niet uit, lijkt het wel. Waar is hier het keerpunt, is er een keerpunt?
Wat heb ik geleerd? Ik heb deze week gebruikt om mijn eigen gedachten over de media, de rol van de media, en vooral hoe de media mijn politieke leven beïnvloeden gevormd. Het zijn enkele observaties die mij bewust maken van het feit dat de verwevenheid van mijn politieke leven en de rol van de media bijna hysterisch is. En waarom zou dat alleen voor mij gelden. Ik denk dat ik niet echt een uitzondering ben. En als dat waar zou zijn, dan is er alle reden voor bezinning. Hoe kunnen politici ontsnappen aan die allesoverheersende aandacht voor de actualiteit, het nieuws en de media? Maar nog meer vraag ik mij af hoe het mogelijk zou kunnen zijn om de betekenis van positief nieuws in de herwaardering te krijgen, hoe er weer meer geïnvesteerd kan worden in achtergrondverhalen, en niet te vergeten in het feit dat het leven zoveel complexer is. Ik wil mijn dagboek dan ook afsluiten met een citaat van een Engels lid van het Hogerhuis die ik ooit eens ontmoette in de tijd dat ik lid was van de Raad van Europa. Ik sprak mijn bewondering uit voor de Engelse politici die vrijwel zonder uitzondering in staat zijn om in een paar pakkende oneliners de kern van een vraagstuk onder woorden te brengen: 'voor lange tijd was het ook voor mij een sport om in een enkele oneliner een heel vraagstuk te duiden, maar ik ben er meer en meer achter gekomen dat de vraagstukken niet te vatten zijn in de eenvoud van een oneliner. Ik ben er meer en meer achter gekomen dat het juist de taak van politici is om de complexiteit van vraagstukken onder woorden te brengen. En dat doe je niet door het vraagstuk te ontdoen van haar complexiteit. Daar zit voor mij nu de echte uitdaging.'
Adri Duivesteijn
Wethouder van Almere